- Home
- Rekendidactiek
- Drieslag- en handelingsmodel
Drieslagmodel en handelingsmodel
Twee modellen uit de Nederlandse rekendidactiek helpen zien hoe een rekenopgave verloopt en waar een student vastloopt: het drieslagmodel en het handelingsmodel. Ze zijn bekend uit onder meer het Protocol ERWD. Dit is een onderdeel van rekendidactiek.
Het drieslagmodel
Het drieslagmodel beschrijft drie stappen bij een opgave met een context. Eerst plannen: van de situatie naar een berekening, wat moet ik eigenlijk uitrekenen? Dan uitvoeren: de berekening zelf maken. En tot slot reflecteren: het antwoord terugleggen in de context en checken of het klopt en logisch is. Veel fouten zitten niet in het uitvoeren, maar in het plannen of het reflecteren, en juist dat maakt het model bruikbaar.
Het handelingsmodel
Het handelingsmodel beschrijft vier niveaus van handelen, van concreet naar abstract: handelen in een echte situatie, die situatie voorstellen met materiaal of een tekening, haar voorstellen op een schematischer niveau zoals een getallenlijn, en ten slotte formeel rekenen met kale bewerkingen. Een student die op formeel niveau vastloopt, kun je een niveau concreter ondersteunen.
Samen gebruiken
De twee vullen elkaar aan. Het drieslagmodel laat zien in welke stap het misgaat, het handelingsmodel op welk niveau van abstractie. Samen geven ze houvast om gericht de volgende stap aan te reiken, en sluiten ze aan op bewegend leren, dat aan de concrete kant van die opbouw thuishoort.
Een voorbeeld
Stel: een recept voor 4 personen vraagt 300 gram pasta, hoeveel is dat voor 6 personen? Met het drieslagmodel plan je eerst (dit is een verhouding, 300 gram hoort bij 4 personen), voer je uit (per persoon 75 gram, dus 6 keer 75), en reflecteer je (450 gram, dat is meer dan 300, dat is logisch). Met het handelingsmodel help je een student die vastloopt een niveau concreter: eerst met een verhoudingstabel of een tekening, voordat het kaal wordt uitgerekend.
Hoe RekenRun hierop aansluit
RekenRun toont in een opgave de situatie zonder het antwoord te verklappen, en bouwt op van concreet naar formeel. Zo blijft er ruimte voor de student om zelf te plannen en te reflecteren. Het is een bewuste didactische keuze, zonder belofte over uitkomst.
Veelgestelde vragen
Wat is het drieslagmodel?
Het drieslagmodel beschrijft drie stappen bij een contextopgave: plannen, van de context naar een berekening; uitvoeren, de berekening maken; en reflecteren, het antwoord terugleggen in de context en checken of het klopt.
Wat is het handelingsmodel?
Het handelingsmodel beschrijft vier niveaus van handelen, van concreet naar abstract: handelen in een echte situatie, voorstellen met materiaal of een tekening, voorstellen op een schematisch niveau, en formeel rekenen met kale bewerkingen.
Wat is het verschil tussen het drieslagmodel en het handelingsmodel?
Het drieslagmodel kijkt naar de stappen in een opgave: plannen, uitvoeren en reflecteren. Het handelingsmodel kijkt naar het niveau van abstractie, van een echte situatie tot kaal rekenen. Het ene laat zien in welke stap iets vastloopt, het andere op welk niveau.
Wanneer gebruik je welk model?
Gebruik het drieslagmodel om te zien in welke stap een student vastloopt bij een contextopgave, en het handelingsmodel om te bepalen op welk niveau van abstractie je steun aanbiedt. In de praktijk gebruik je ze vaak samen.
Komen deze modellen uit het Protocol ERWD?
Ja, beide modellen zijn breed bekend uit onder meer het Protocol ERWD (Ernstige RekenWiskunde-problemen en Dyscalculie) en worden in het reken- en wiskundeonderwijs veel gebruikt.